Hema-handschoentjes

Leuk idee: samen een kleine 100 kilometer wegtrappen op een nagenoeg bevroren maandag. Het streven was om duurkilometers te maken. Geen Laurenstendamkwijl in de baard, geen piepende longen, nee, puur en alleen het fietsen van een berg base miles, zoals de Engelsen zo mooi zeggen. Lage hartslag en babbelniveau dus. Beetje bijpraten over thuis, werk, dat soort dingen.

De route die ik had uitgestippeld was grotendeels gebaseerd op de wind. Verzamelen in Harmelen bij Eetcafé ‘t Scheepje, de Haarrijnse Plas over en via Maarssen de polder in, de tegenwind tegemoet. Ik had nog nooit een Siberische beer gezien, maar ik voelde ‘m door mijn Hema-handschoentjes bijten. Eenmaal bij Bilthoven boden de bossen gelukkig wat meer beschutting. Die gekke lus door Soest kwam uit mijn koker, de eerste en tevens laatste keer dat ik daar fiets.

Wind mee kwam in zicht, pa dook eens in het wiel van een scooter (‘die meters kan je maar gemaakt hebben’), maar de kou was te streng en Hilversum te veel stoeptegel en te weinig asfalt. Ik kon er niet heel gelukkig van worden. En die Hema-handschoentjes, tsjah…

Tot de stoplichten van Hollandsche Rading, that is.

De stoplichten van Hollandsche Rading waren vandaag, en echt alléén vandaag, een beetje de poort naar het wind-mee-Walhalla. Zoeven over die prachtige Strade Bianche-strook, knallen langs (oh, we zijn er al weer voorbij!) Tienhoven en door tot aan de Vecht. Geluk kent vele gedaantes, maar wind mee kent er maar één: het horen suizen van je bandjes.

Voor het mooie laat ik dat verdrietige laatste stukje langs het Amsterdam-Rijnkanaal naar huis (wind schuin tegen, WEG MET DIE HEMA-HANDSCHOENTJES!) maar achterwege.

Bah.

 

 

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *